11 tips over het informatierecht van de OR
Op tijd over de juiste informatie beschikken, zorgt ervoor dat je als ondernemingsraad slagvaardig kan optreden. Anders loop je voortdurend achter de feiten aan en mis je kansen om invloed uit te oefenen. Het informatierecht is daarvoor een belangrijk instrument.
Goede informatie is voor de OR cruciaal. Zonder voldoende informatie kan de ondernemingsraad zijn werk niet doen. In de Wet op de Ondernemingsraden (WOR) is daarom het informatierecht van de OR geregeld. In artikel 31 van de WOR staat welke gegevens de bestuurder aan de OR moet verstrekken, gevraagd en ongevraagd. Dit is het zogenaamde actief en passief informatierecht. In deze checklist zetten we 11 aandachtspunten voor het informatierecht van de OR op een rij.
- De OR heeft recht op schriftelijke informatie bij aanvang van de zittingsperiode (artikel 31 WOR, tweede en derde lid) De bestuurder moet die informatie zelf geven (passief informatierecht). Het gaat om onder andere de statuten, de rechtsvorm, de zeggenschapsverhoudingen en de organisatiestructuur.
- Er is ook passief informatierecht bij organisaties met meer dan honderd personen. Als jouw organisatie daaronder valt, krijg je minimaal eenmaal per jaar schriftelijke informatie over de hoogte en inhoud van de arbeidsvoorwaardelijke regelingen en afspraken, per groep werknemers. Je krijgt bovendien informatie over de beloningsverhoudingen. (artikel 31d WOR)
- Naast passief informatierecht is er ook actief informatierecht. De OR kan zelf informatie opvragen als de raad dat nodig heeft om zijn taak te vervullen. Dat kan in de Overlegvergadering, maar ook daarbuiten. Geef concreet aan welke informatie je waarvoor nodig hebt. Hoe beter je dat onderbouwt, hoe groter de kans dat je de gewenste informatie ontvangt.
- Kijk goed welke informatie de OR nodig heeft. Stel prioriteiten en wees selectief. Probeer waar mogelijk de informatie eenduidig aan te laten leveren. Stukken met uniforme opbouw, enzovoort.
- Voorkom dat het dagelijks bestuur (DB) van de OR alle informatie moet verwerken. Verdeel de te beoordelen informatie over verschillende OR-leden of commissies. Onderwerpen die bij een commissie worden ondergebracht kunnen daar worden voorbereid en beoordeeld.
- Soms wil de bestuurder informatie niet geven omdat die te gevoelig is voor personen of voor de onderneming. Je kan de informatie alleen krijgen als die onder de geheimhouding (artikel 20 WOR) valt. Zorg dat duidelijk is om welke informatie het gaat en voor welke periode de geheimhouding geldig is. Accepteer alleen informatie onder geheimhouding wanneer deze voor de totale OR geldt en voor een niet te lange periode.
- Pas op voor informatielawines. Als je te veel informatie krijgt, zie je door de bomen het bos niet meer. Denk daarom goed na welke informatie de OR nodig heeft en waarvoor.
- Zorg dat je niet afhankelijk bent van de bestuurder als je informatie nodig hebt. Bedenk wie er nog meer over informatie kan beschikken. Voor specifieke informatie kun je soms beter naar een stafdienst, de vakbond of naar de achterban.
- Het Artikel 24-overleg dat twee keer per jaar wordt gehouden om de algemene gang van zaken te bespreken, is een handig overleg om informatie in te winnen. Dan komen de advies- en instemmingsvragen voor de komende periode aan de orde. Je weet dan wat je kan verwachten en welke informatie van belang kan zijn.
- Gebruik ook de OR-scholing om informatie te krijgen. Ook een brainstormsessie met de bestuurder levert soms waardevolle achtergrondinformatie op.
- Als je de gevraagde informatie niet krijgt, probeer dan te achterhalen waarom de bestuurder de informatie niet verstrekt. Een gesprek in informele sfeer leidt misschien tot een positief resultaat. Een volgende stap is dat de OR gebruikmaakt van de algemene geschillenregeling (WOR artikel 36). Je legt de zaak voor aan de bedrijfscommissie (advisering en/of bemiddeling) of gaat direct naar de kantonrechter.
Als je graag snel en laagdrempelig meer wil leren over de instrumenten die je als OR hebt, schrijf je dan in voor de Online Basiscursus OR